Kip zonder kop

Door Ed Roodbeen

In 1961 verhuisden wij van Amsterdam naar Veldhoven. Als 7-jarige liep ik alleen maar in de weg. Mijn oma had daar wel een oplossing voor. “Ga jij maar even een paar lekkere kippetjes halen voor vanavond.” Als snotaap van zeven wil je je natuurlijk  niet laten kennen. Dus is ging op pad. Nou waren er in de tijd ook in de randstad nog nauwelijks supermarkten, maar in Veldhoven al helemaal niet. Ik had er een uur voor nodig om een inventarisatie te maken van plekken waar mogelijk kip werd verkocht. De eerste mogelijkheid was bij “Mientje” aan de Broekweg, een winkel waar je echt van alles kon kopen. Als de voordeur dicht was, kon je altijd achterom voor boodschappen. Bijna alles ging op rekening.

Een tweede mogelijkheid was een boerderijtje op de hoek van de Broekweg en de Schoolstraat.  Een achenebbisj, langgerekt bouwwerkje met aan de voorkant het woonhuisje en erachter stallen voor varkens en koeien. “He menneke, wilde gij een paar sappige kippjetjes kopen. Hedde gij genoeg geld meegekregen van jullie moeder,” vroeg de boer. Hij had houten klompen aan, een vieze pet, een overal. Hij keek me met zijn ronde kippenogen nieuwsgierig aan.

Het huis had een enorm erf. Een soort enorme, onbestrate, vlakte van vies gelig zand. Er liepen honderden kippen in het rond. Midden op het erf stond een gigantisch hakblok in de vorm van een afgezaagde boom. Op dat blok van ongeveer een meter hoog maakte de boer de kippen een kopje kleiner. Hij pakte lukraak een kip van het erf en met een zwaaiende beweging bracht hij de kip en het hakmes bij het hakblok samen. Het was gebeurd voor je er erg in had. De kip rende nog een paar meter weg en zakte dan door zijn gele poten in het gele zand. De kippenkop rolde van het hakblok af en bleef liggen op een gigantische berg van afgehakte kippenkoppen.  De berg koppen reikte tot de rand van het hakblok. Ik schat dat er duizend koppen lagen te rotten. Er waren ook kippen die een nog veel zwaarder lot troffen. Tegen de boerderij aangebouwd lag een mestbak van ongeveer vier bij twee meter. De bak kwam slechts 20 centimeter boven de grond uit. Hoe diep de bak was weet ik niet. Ik die bak vochten  tien  kippen voor hun leven, maar afgaande op het grote aantal kippenkadavers dat in de bak ronddreef, maakten ze weinig kans.